Mbote mondélés,
Als ge in Kinshasa wilt scoren, moet ge af en toe een woordje lingala laten vallen, vandaar dus hieronder een beknopt woordenboekje voor diegenen die goesting hebben gekregen.
Het Lingala in Kinshasa is een mix van verchillende talen van de verschillende tribu's die daar samen hokken, gemengd met het frans, een zeer rudimentaire basiscommunicatietaal, een beetje zals het 'Verlon' van de Parijse banlieu's.
Een schoon voorbeeld: 'Un Kamion de ma chéries fort': betekent dus eigenlijk: een buske vol met keischoon grietjes...
BEKNOPT SPREEKWOORDENBOEK LINGALA (jargon van Kinshasa)-NEDERLANDS
Jo nanni: wie bent u
olinginini: wat wil je
mbote: goeiendag
mbote na jo: goeiendag aan u
mbote na bieno: goeiendag voor jullie
matondo mingi: Dank u zeer
kimia: rustig
kéba: pas op
téléma:stop
malembé: traag
Malamo Malamo: beetje bij beetje
Bonni jo: Hoe gaat het
Na za malamoo: het gaat goed
mingi: veel
moeké: klein
moenéné: groot
Na lingi bino mingi: ik hou veel van jullie
Tsik anga makélélé: laat me gerust.
Té: nee
Olélé oléli: dat is uw probleem
Mwana: kind
Kitoko: mooi
Tsjitok: supper, goed
Kittie: stoel
Mésa: tafel
Talo boni: hoeveel kost dat
Eza talo: dat is duur
Boti kala malamo: het gaat jullie goed (bij afscheid)
Nazano ezengo: ik ben blij
Combo nanga: ik heet …
Toléka: we gaan
Toké olea: gaan we eten
Ma chérie: een mooi meisje
Film échangé: een anders gelopen planning
Mandoto: droom
Moetoe: nacht
Komona: kijken
Nase pélindengé na monio: blij u te zien
Lingando: krokodil
Ndoenda: groenten
Madésoe: bonen
Sossoo: kip
Mbala soekaali: zoete patat
Looso: rijst
Makemba: kookbananen
Bitabe: eetbananen
Foefoe: deegmaniok
Pondoe: gestampte maniokblaren
Fwoemba: pondoe met pindanotenpasta
Mbinzo: rupsjes
Mbisi: gerookte vis
Cossa cossa: kleine gedroogde garnaaltjes
Mwamba: pindapasta
Majébo: champignons
Misili: jonge varensteeltjes
Mafoetambilla: palmolie
24.3.08
Abonneren op:
Reacties plaatsen (Atom)
0 reacties:
Een reactie plaatsen